Ontstaan en evolutie

Een analyse van de hulpverleningspraktijk in Vlaanderen (1991) bevestigde hoe pover het is gesteld met de bekendheid van de hulpverlening. Jongeren hebben geen weet van het hulpaanbod. En als ze het al kennen, doen ze er maar moeizaam beroep op. Bovendien bevestigde een bevraging bij jongeren (1997) dat ze met vragen en problemen in de eerste plaats naar vrienden stappen. De vriendengroep of peer group is een belangrijk opvangnet voor een eerste ondersteuning.

De jongerenadviescentra’s – JAC ’s – zoeken ook voortdurend naar methoden om de band met hun doelgroep te versterken.  Ook zij merken dat jongeren soms moeilijk de weg vinden naar hulpverleningscentra. En dat ze vaak pas op het centrum aankomen als de problemen zijn geëscaleerd.

Met deze kennis in het achterhoofd startte het JAC van Brussel in 1991 als eerste JAC met een opleiding ‘jeugdadviseurs’. Hun inspiratie haalden ze bij de jeugddienst van ABVV-Mechelen. JAC Brussel startte met een opleiding voor jongeren tussen 15 en 19 jaar. Een korte training waardoor jongeren vrienden met problemen beter kunnen ondersteunen en indien nodig bij de professionele hulpverlening kunnen introduceren.

De werkmethode slaat aan en krijgt snel navolging: in ’92 bij JAC Oostende, in ’93 bij JAC Kortrijk en in ’94 bij JAC Aalst. In 1995 geeft de toenmalige Vlaamse minister van Financiën, Begroting en Gezondheidsbeleid de opdracht aan de FJIAC (nu In Petto) om het project verder uit te werken in het kader van drugpreventie. Deze centrale ondersteuning is voor heel wat JAC’s een stimulans om deze preventieve werkwijze te introduceren in hun werking.

Eind 1996 hebben 7 nieuwe JAC’s zich bij het project aangesloten: JAC Leuven, JAC Antwerpen, JAC Brugge, JAC Gent, JAC Hasselt, JAC Menen en JAC Waasland.  In ’97 voegen JAC Turnhout en JAC Izegem zich bij het rijtje.

In 1998 organiseert In Petto voor het eerst een startersopleiding voor JAC ’s die met jeugdadviseurs in zee willen. In het voorjaar van 1999 organiseert In Petto de startersopleiding ook voor Nederland. Zes jongereninformatiepunten werken met de methode onder de naam ‘Praatpalen’. In Vlaanderen stappen meer werkingen mee op de boot: in 1999 werd de kaap van 1.000 opgeleide jeugdadviseurs bereikt en werkten 15 werkingen actief met jeugdadviseurs.

Vanaf 2000 werd ook het effect zichtbaar van de extra middelen die minister van Welzijn, Gezondheid en Gelijke kansen Vogels in de jeugdhulpverlening binnen het Algemeen welzijnswerk investeerde. Anno 2002 werden er in Vlaanderen op 27 locaties jeugdadviseurs opgeleid waaronder ook in een aantal stedelijke jeugddiensten in samenwerking met een JAC in hun buurt.

Het project jeugdadviseurs blijft evolueren en het aantal medewerkers groeit. Ze delen niet enkel het enthousiasme voor de werkvorm, maar ook de intentie om de doelen te optimaliseren en nieuwe doelgroepen te bereiken. Uitwisseling van ervaringen, overleg, bijscholing, verbetering van werkvormen en vooral de gezamelijke zorg voor de jongeren, maakt dat de inhoud en het proces van de opleiding steeds evolueert.

Ondertussen worden ook de jeugdadviseurs tweejaarlijks samen gebracht op een ontmoetingsweekend. Een weekend waar ze samen allerlei thematische workshops kunnen volgen en de kans krijgen om andere jeugdadviseurs uit verschillende plaatsen in Vlaanderen te ontmoeten.

Samenwerking tussen de verschillende jeugdwerkers, de jeugdadviseurs en In Petto is ongetwijfeld de sleutel tot dit succes!



Page last updated on woensdag 01, september 2010 at 10:24